Verslag Poëziebus 2017

Dag 1

Daar zijn we dan. Het is 6 augustus, we staan aan de Rotterdamse Schouwburg. Een allegaartje dat zich als brokstukken na de Big Bang ordent voor de laadruimte van de groene – ja, soms moet een mens meegaan in de veranderingen – Poëziebus voor de eerste groepsfoto. Er volgen nog een hoop pogingen voor die groepsfoto, want dichters vertonen in dat geval opvallend veel gelijkenissen met zeldzame diersoorten: moeilijk om vast te leggen op beeld. De kick-off wordt gegeven door enkele boegbeelden van de Rotterdamse poëzie. We zijn vertrokken, nog niet met de bus, maar met de poëzie welteverstaan. De eerste busdichters brengen hun kennis over aan de rest in workshops; er wordt er duchtig op los geïmproviseerd, geschreven, nagedacht en zeker gerapt. De initiatie in beats en rap door Siebrand, meester van de West-Vlaamse flow, mondt uit in een improvisatie waar iedereen zich wel waagt aan een vers links of rechts.

Het avondprogramma in Rotterdam laat zich beschrijven als een dichtersbuffet. De busdichters worden aangevuld met een hele lading Rotterdamse dichters en er worden paartjes gevormd. Het publiek wordt door deze poëtische koppels meegenomen en krijgen een kleine privéshowcase, waarna zij opnieuw kunnen aanschuiven. De avond wordt afgesloten met het Steekwoordentoernooi waarin enkele dichterteams met elkaar in de clinch gaan om de Gouden Wisselpriem te bemachtigen. Na een geweldig rumoerige avond is het tijd voor de eerste rit op de bus richting hotel. De sfeer zit er al goed in en de flauwe humor is al goed vertegenwoordigd. Eenmaal aangekomen in het hotel worden de kamers verdeeld en trekken de gewilligen het Rotterdamse nachtleven in. Daar zijn we dan, we zijn vertrokken voor tien dagen poëtisch jolijt en vertier.

Dag 2

Iedereen verschijnt bij het ontbijt, de een al wat vroeger dan de ander, in uitenlopende interpretaties van fris en monter. Het is tijd om Rotterdam achter ons te laten en richten Leiden te trekken. Het wordt al snel duidelijk dat de busritten allesbehalve sereen zullen verlopen. De hoofdleuze van deze editie ligt al vast vanaf het moment dat we het station van Leiden passeren en vanop de achterbank brullen we in koor: ‘LEIDEN CENTRAAL LEIDEN CENTRAAL LEIDEN LEIDEN LEIDEN CENTRAAL!’ Nooit zal een treinstation in Nederland nog zo legendarisch worden als Leiden Centraal, laat dat geweten zijn. We verdelen ons in kleinere groepen en trekken onder leiding van een lokale dichter de stad in om poëzie bij de mensen op straat te brengen. De zon voelt zich als geroepen en besluit de ochtend te voorzien van het nodige zonlicht.

Na de middag trekt het busgeweld naar een gezellig park en wordt er gespeeld met traditionele Chinese poëzie en absurde poëtische rituelen. Na een heerlijke maaltijd is het tijd voor meer poëzie in het Leidense centrum. De zon heeft echter plaatsgeruimd voor erg onheilspellende wolken. De voordrachten laven zich in de stortregen en we zien voor het eerst als groep ieders eigen stijl de revue passeren. En dat het mooi was, laat dat geweten zijn. Nadat onze woorden de regen hebben getrotseerd, keren we terug richting Leiden Centraal om in te checken in het hotel. De nacht valt in Leiden. Dit worden ongetwijfeld stuk voor stuk onvergetelijke dagen, zoveel is duidelijk.

Dag 3

Vanuit Leiden trekken we naar het Hoge Nederlandse Noorden. Friesland lonkt. Voor we daar arriveren, maken we een korte pitstop langs de Waddenzee en wagen ons nogmaals aan een groepsfoto. We klauteren over de rotsen, maar dichters het blijft een beeldschuw volkje zo blijkt. De activiteiten in Leeuwarden spelen zich af in een oude gevangenis die een nieuwe invulling heeft gekregen, waaronder hotel en restaurant. Op het binnenplein slaan de kennismakingsgesprekken van de eerste dagen over in prachtige verhalen en nog luider geschater. De groep groeit als wijnranken in elkaar. Ook hier staan weer allerlei workshops op het programma en zo is het avond voor iedereen het weet. Dat de Poëziebus een tocht vol verrassingen is, bewijst de Nestor van de bende, Gerard Scharn, wanneer hij uit het niets een accordeon tevoorschijn tovert en we de avond vrolijk in folken.

De avondoptredens in Leeuwarden vinden plaats op het binnenplein en worden begeleid door gitarist Ruben Bus (ja wij lieten de kans op verschillende flauwe moppen niet aan ons voorbijgaan). De performances zelf vinden plaats in een geïmproviseerd podium afgelijnd door een scheepstouw in grote cirkel. Het opzet is simpel: spring de cirkel in en ga ervoor. De woorden vliegen in het rond. Teksten worden voorzien van spontane interpretatieve dans en we blazen de nacht in met een prachtige comparatieve studie door Gorik Verbeken van Fifty Shades of Grey en het Dagelijkse Kost-kookboek van Jeroen Meus. Je kan nog niet half inschatten hoe erg onze lachspieren het te verduren hadden. Slapen in een cel deden we die nacht allemaal, ongeacht goed gedrag, als woordrovers.

Dag 4

Volgende halte: Zwolle, en dan meer bepaald de kunstwerkplaats RawSpace. Een enorm terrein met hangars vol zinnespelende kunstwerken. Hier zal vandaag zeker kunst worden gemaakt. We arriveren kort voor de middag. De zon brandt al stevig, dit wordt een zwoele dag. Hongerkunstenaars die we zijn, storten we ons op het heerlijke lunchbuffet. De namiddag komt langzaam op gang. De intensiteit van een Poëziebustour wordt steeds meer duidelijk. De broeierige zon hult het terrein in een heerlijke gloed. Sommigen genieten volop van het zonlicht, anderen volgen enkele workshops van busgezellen.

De performance voor vanavond wordt een heerlijk avontuur. De dichters worden wederom gekoppeld. Dit keer niet voor een dichtersbuffet, maar voor een jamsessie met jazzbands. We gaan de beat-toer op! Ieder duo krijgt de kans om een kwartiertje in te spelen met enkele geweldige muzikanten. De goesting en de sfeer voor vanavond zitten er al goed in. Het avondprogramma wordt opgedeeld in twee delen, we wisselen tussen de hangar en een impromptu podium naast een oude motorboot. De hitte van de dag zet zich volledig voort in de geweldige shows. Meer duistere jazzy performances worden afgewisseld met voluit hiphop knallers. Ja ja, jongens, het is aan. Het is zo aan. Na afloop van het vaste programma transformeert het buitenpodium tot een geweldige cypher samen met de muzikanten. Op het terrein wordt een enorm houtvuur aangestoken. Dit is de beste vorm van kumbaya die je maar kan inbeelden. De flows vliegen alle kanten op, er wordt gezongen, gedanst, gevierd, gelachen.

Dag 5

Vandaag zijn we halfweg en toe aan de laatste halte in Nederland. De Zwolse zon is ingeruild voor stevige buien in Breda. De bus arriveert tussen enkele verpauperde loodsen op een vergeten stuk industrieterrein van Breda. Diep verscholen tussen dit alles vinden we Stek: een kleine hub van kunstenaars vol opvallende huisjes/ateliers. We maken kennis met verschillende lokale dichters en kunstenaars. Het opzet van de avond: een performance met een van deze kunstenaars bedenken. De groepjes trekken zich terug in verschillende huisjes en caravans op het terrein om hun optreden voor te bereiden. De rondleiding langs de bekokstovende artiesten valt vrij letterlijk in het water. De weergoden zijn Breda niet goedgezind.

De omgeving werkt zeker inspirerend. De performances van de avond gaan van experimenteel en gewaagd naar nog experimenteler naar intiem en hilarisch. Er bestaat niet zoiets als een comfortzone in Stek. Er zijn geen grenzen. Alles kan hier en dat maakt zo geweldig. De groep wordt steeds hechter, de running gags zijn getransformeerd in volwaardige marathons. Het leiden centraal, meer zon minder politie en we zijn allemaal beetje boom. Daaaasekerda!

 

Dag 6

Na vijf dagen Nederland is het tijd voor België en dat doen we meteen goed. Van Breda trekken we rechtstreeks richting hoofdstad, Bruxelles se réveille. De troep wordt gedropt aan de Pianofabriek in Sint-Gillis, een gezellig gemeenschapscentrum. We schuifelen op en neer door de Brusselse straten en schuifen voor de zesde maal met z’n allen aan tafel. Iedereen vindt steeds meer zijn of haar eigen ritme in de groep. Sommigen gaan graag op ontdekking in de steden, anderen werken graag tijdens workshops aan hun avondperformance.

Vanavond krijgen we een wel erg aparte opdracht: we brengen andermans teksten. Ondertussen zijn we allemaal wel ietwat bekend met elkaars werk, maar de tekst van iemand anders voordragen is iets heel anders. Het optreden zelf doen we aan een zomerbar op een boogscheut van de basiliek van Koekelberg. Fascinerend om te zien hoe we allemaal een beetje in de huid van een ander kruipen. Poëten worden rappers, rappers dichters, Kempen en West-Vlaanderen verenigen en zoveel meer. Zelfs wanneer de techniek ons niet langer toestaat om verder te gaan, doen we het gewoon akoestisch. Stembanden open en Brussel zal geweten hebben dat we hier waren. We zijn de helft gepasseerd en Vlaanderen zal aan onze voeten liggen, zo voelt het.

Dag 7

Na een nacht aan de rand van Brussel gaan we weer op weg. De bus trekt richting het Land van Waas, naar Sint-Niklaas. Eenmaal daar ontdekken we de Stadsschouwburg waar we ’s avonds gaan optreden in de foyer. We zijn nu aan dag zeven en dat wordt merkbaar. Er wordt vrijwel uitsluitend nog muntthee met honing gedronken en Strepsil wordt aanbeden als de nieuwe messias. Tijdens de workshops in Sint-Niklaas gaan we van freewriting naar intertekstualiteit om vervolgens een spoedcursus ‘uit de comfortzone’ te volgen.

De avondoptredens in Sint-Niklaas gebeuren volgens het klassieke recept van ieders zijn of haar vijf minuten. Wij zijn dan ook met meer dan 20 dus dat betekent een stevig avondvullend programma. De formule mag dan wel oud en vertrouwd zijn, de invulling ervan allerminst. Om het voor onszelf spannend te houden, hebben we een uitdaging: buiten de comfortzone. Dit vertaalt zich in sommige van de meest verbazende optredens die we op deze busrit al gezien hebben van elkaar. Het is een van de meer rumoerige optredens die we al gaven. Niemand van ons verwachtte zoveel nieuws te zien van elkaar na zeven dagen. Enkele van de meer rustige dichters staan plots te brullen op een podium, de vurige raps maken plaats voor intieme teksten. Op het einde van de rit weet Jeroen Naaktgeboren, all-round cool guy #1, ieders woorden geweldig samen te vatten. De hele avond was hij meer aandachtig dan eender wie en verzamelde hij stukjes van ieders performance. Intertekstualiteit in werking, dames en heren.

Dag 8

Het overnachten gebeurde in Leuven en van daaruit vertrekken we naar Herentals, hartje Kempen. Onderweg maken we kennis met de typisch Kempense wegen en de mastodont van een bus komt vast te zitten op een dichtbebost weggetje. Hier is ervaring de meest belonende vaardigheid die iemand kan bezitten, want buschauffeur Bassie weet ons vlekkeloos te bevrijden en krijgt de bus weer perfect op koers. Zonder moment van twijfel barst de bus uit in luid scanderen: ‘BASSIE BEDANKT BASSIE BEDANKT BASSIE BASSIE BASSIE BEDANKT!’ (Ja, de leuzes volgen een bepaald motief, wij streven een stijl na, kunstenaars zoals we zijn.)

Vandaag doen we twee enorm verschillende dingen. Geen workshops, we gaan voordragen in een woonzorgcentrum. Om onze opstoten energie en enthousiasme enigszins te temperen en om wat te bekomen van al een dikke week toeren, volgen we eerst een korte sessie Tai Chi. Met onze herwonnen frisheid verdelen we ons over het woonzorgcentrum en bezorgen we de inwoners een namiddag vol woorden en muziek. We trekken in colonne naar het centrum van Herentals waar we vanavond zullen optreden. Het opzet voor de avond is: wees de beste vorm van je poëtische zelf. Dat is merkbaar. De vonken spatten ervan af. Stuk voor stuk knalt elke busdichter en gastdichter op het podium, ondanks enkele technische probleempjes. Na de hulde van Martin Beversluis aan zijn metgezellen in de vorm van ‘Asfaltpiraten’ kan een gigantische groepsknuffel dan ook niet uitblijven. De nacht brengen we door in de Scheldestad, het heeft iets dubbel. Het einde komt zo meer en meer in zicht, maar de poëzie is onaflatend.

Dag 9

Van Antwerpen naar Limburg, en zo rijden we naar de voorlaatste halte van de toer: Sint-Truiden. Net buiten het centrum brengen we de dag door in ’t Zoutkist waar we die avond ook zullen optreden. De laatste workshops worden gegeven. Er hangt een vleugje finaliteit in de lucht. Er worden jozzonetten geschreven, ongemakkelijke momenten overwonnen en voorbereidingen getroffen voor de performance van de avond.

Het is de laatste echte avond van de Poëziebus. De bende is meer geworden dan een groep dichters. We zijn familie geworden. Dat zie je. De bus is een omgeving geworden waarin ieder van ons zich volledig durft bloot te geven zonder schaamte en waar iedereen durft experimenteren. We gaan samenwerkingen op het podium aan met elkaar en het publiek, we gaan volledig mee in elkaars teksten, want er is altijd nood aan meer zon en minder politie, net zozeer leiden centraal. We vieren onze laatste nacht samen in de herberg waar we blijven slapen. Het kamp-gevoel is groot dankzij de slaapzalen met stapelbedden en gedeelde douches en toiletten.

Dag 10

En hier zijn we dan, de laatste dag Poëziebus 2017, de laatste halte Antwerpen. Het voelt bijna onwerkelijk dat we al aan het einde zijn van onze rit. Het ging allemaal zo snel, er was zo veel te beleven, te horen en te zien dat bijna niemand besef had van de werkelijke tijd die verstreek. De busrit naar Antwerpen voelt dan ook wat dubbel. Iedereen is enorm uitgelaten, want we zijn nog steeds onderweg, maar anderzijds betekent aankomst ook het einde. Er zijn onbreekbare banden gesmeed op deze bus. Er zijn nieuwe vriendschappen gecreëerd. Mensen die elkaar nog maar tien dagen echt kennen, maar het lijkt alsof ze al jaren bevriend zijn. Het is onwaarschijnlijk hoe mooi deze groep samen is. We lijken rechtstreeks weggelopen uit een instelling en doen op bepaalde momenten mensen twijfelen of we een groep dichters zijn dan wel een of andere gevaarlijke sekte die anarchistische gevoelens koestert. Een ding is zeker: niemand van deze lichting zal elkaar gauw vergeten.

De hele troep verzamelt zich aan Onze-Lieve-Vrouwe Kathedraal voor het laatste avondmaal: het voelt zowaar profetisch. We doen ons tegoed aan Italiaanse keuken en halen alle verhalen van de afgelopen tien dagen nog eens boven. Sommige busdichters zijn jammer genoeg al naar huis. Tien dagen weg van huis kan wegen op een mens, maar ik ben ervan overtuigd dat zij nog steeds met een even grote glimlach tot achter de oren huiswaarts keren dan wij hier op restaurant. Dit waren ongetwijfeld de tien meest ongelooflijke dagen voor velen van ons, waarschijnlijk ons allemaal. En als iedereen van ons iets zal onthouden, zijn het wel deze geweldige uitspraken:

MEER ZON MINDER POLITIE MEER ZON MINDER POLITIE

LEIDEN CENTRAAL LEIDEN CENTRAAL LEIDEN LEIDEN LEIDEN CENTRAAL

POËZIE POËZIE POËZIE POËZIE

BEWEEG ALS EEN STRATEEG

GEEN TL OP EEN FEESTJE

JE KIJKT WEL MAAR JE ZIET NIET JE KIJKT WEL MAAR JE ZIET NIET

DAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAN JANSSENS

ER IS MAAR EEN ARNO EEN ARNO

En elke flauwe mop die er onder de horizon van Vlaanderen en Nederland ook maar bestaat.

(c) Daan Janssens